Het ‘droge’ oog in de optiek: verrassend veelzijdig verschijnsel

afbeelding

‘Droog aanvoelende ogen’ en echte ‘droge ogen’.

Binnen de optiekwereld komt men vaak de term ‘droge ogen’ tegen. In de meeste gevallen is dit echter niet wat ook de oogarts ‘droge ogen’ zou noemen. Daarom is het zinvol, beide begrippen eens goed naast elkaar te leggen. Centraal daarbij staan functie en kwaliteit van het traanvocht.

Wat binnen de optiek meestal met ‘droge ogen’ wordt aangeduid, heeft eigenlijk meer met ‘droog aanvoelende ogen’ te maken: degene die er last van heeft, voelt dat het oog sneller uitdroogt dan voorheen. Van een echt medisch probleem is vooralsnog geen sprake. Dat is wel het geval bij het klassieke ‘droge oog’. Hierbij is de hoeveelheid traanvocht duidelijk verminderd en/of van slechte kwaliteit. In veel gevallen is sprake van een geleidelijke overgang van ‘droog aanvoelende ogen’ naar echte ‘droge ogen’.

‘Anatomie’ van het traanvocht.

Tranen bestaan uit meer dan alleen maar water. Ze bevatten drie verschillende componenten: (1) lipiden, afkomstig van de Meiboomse ‘olie’- kliertjes, vooraan in de oogleden; (2) mucus, afkomstig van de goblet ‘slijm’- cellen, achteraan in de oogleden; (3) waterige vloeistof, afkomstig van de traanklieren (buiten en binnen de oogleden). De binnenste laag van het traanvocht die in direct contact staat met het oogoppervlak is de mucuslaag, ook mucine genoemd. De middelste laag van het traanvocht is de waterige laag, die samen met het mucine het oogoppervlak vochtig houdt en die bovendien allerlei belangrijke stoffen, zoals antimicrobiële eiwitten en zouten, bevat. De buitenste laag is de dunne lipidenlaag. Dit ‘olie’- laagje gaat het te snel verdampen van de traanfilm tegen. Gezond traanvocht heeft de beschikking over de juiste kwaliteit van alle drie zojuist genoemde componenten.

Wanneer tranen teveel mucus bevatten (en dus minder ‘waterig’ zijn) kunnen ze in de ooghoeken voor ophopingen zorgen en een gevoel van droge ogen geven. Dit gebeurt vaak in de winter (verwarmde, droge ruimtes) en in vliegtuigen (geconditioneerde, droge lucht).

Er zijn ook mensen die te veel lipiden in hun traanvocht hebben. Men heeft vastgesteld, dat de traanfilm bij deze personen vaak (te) snel opbreekt (BUT = break up time) en de waterige laag verdampt. Ook hier ontstaat dan het gevoel van onaangenaam aanvoelende droge ogen.

In de meeste gevallen echter is sprake van een tekort van de waterige vloeistof. Daardoor kan niet alleen functieverlies van de tranenfilm, maar ook versnelde uitdroging van het oogoppervlak optreden, met als resultaat ‘droog aanvoelende ogen’.

‘Droog aanvoelende ogen’ door versnelde traanvocht verdamping.

Iets eenvoudigs, zoals het niet vaak genoeg met de ogen knipperen, kan aanleiding zijn tot versnelde uitdroging van het oogoppervlak. Dat gebeurt vaker dan men denkt, bijvoorbeeld bij het langdurig intensief bezig met de computer. Het oogoppervlak dient voortdurend vochtig te zijn en uitdroging wordt als onaangenaam en branderig ervaren. Daardoor ontstaat een verhoogde knipperfrequentie, waarbij de oogleden voor extra bevochtiging trachten te zorgen. Ook onder invloed van hitte, droog weer, airco en ultraviolet licht treedt een dergelijk effect op. Deze vormen van ‘droog aanvoelende ogen’ zijn weliswaar hinderlijk, maar relatief onschuldig omdat de tijdsfactor meestal beperkt is.

‘Droog aanvoelende ogen’: samenhang met voeding en geneesmiddelen.

De meeste mensen drinken te weinig vloeistof (water). Dat heeft ook nadelige consequenties voor de traanproductie, vooral naarmate men ouder wordt (50+). Het drinken van flinke hoeveelheden koffie en cafeïnehoudende frisdranken heeft een vochtafdrijvende werking, het geen de waterhuishouding ook onder druk zet. Vandaar dat deze producten vaak genoemd worden als medeveroorzaker van ‘droog aanvoelende ogen’. Hetzelfde geldt voor sigarettenrook (ook bij passief meeroken!). Mensen die een niet al te gezonde voeding gebruiken, met veel fast-food en kant-en-klare, industrieel bewerkte producten, hebben een aanzienlijk grotere kans op traanvocht problemen dan mensen met een evenwichtig dieet met veel verse groenten en fruit en weinig vlees.

Verrassenderwijs kunnen heel wat geneesmiddelen de kwaliteit en kwantiteit van het traanvocht aantasten: antiallergie pillen, die door hooikoorts patiënten worden gebruikt, veroorzaken juist droog aanvoelende en branderige ogen. Iets dergelijks is ook waargenomen bij antidepressie medicijnen, middelen tegen verkoudheid en griep, de anticonceptie pil, vochtafdrijvende middelen (diuretica) en medicijnen tegen hoge bloeddruk.

afbeelding

‘Droog aanvoelende ogen’ bij contactlensdragers.

Iedereen heeft wel een aan de lijve ondervonden, dat bij acute ontstekingsreacties aan de ogen een verhoogde productie van traanvocht optreedt. Dit is anders bij kleine, chronische ontstekingsreacties die bijvoorbeeld kunnen optreden bij contactlensdragers. Eventuele mechanische en immunologische irritaties hoeven op zich geen ontstekingsreacties teweeg te brengen, maar in samenhang met andere factoren (zie o.a. hierboven) kan het op den duur wel degelijk komen tot het instabiel worden van de traanfilm en zodoende tot vermoeide, branderige en geïrriteerde ogen.

Wetenschappelijk onderzoek bij contactlensdragers heeft uitgewezen, dat naast niet adequaat verwijderde afzettingen van proteïnen op de lenzen (biofilm), vooral de aanwezigheid van micro-organismen in niet goed schoon gehouden lenshouders van doorslaggevende betekenis is bij het ontstaan van ontstekingsreacties. Dergelijke verschijnselen zijn met een goede lenshygiëne te voorkomen en het is dan ook onjuist, dergelijke problemen niet aan deze punten toe te schrijven, maar veeleer aan de gebruikte contactlensvloeistoffen. Het gebruik van een contactlensvloeistof, die de bevochtigingsgraad van het oogoppervlak bevordert, kan een aanzienlijke verbetering van het draagcomfort van contactlenzen bewerkstelligen.

‘Droge ogen’ na refractieve chirurgie

Na een refractief chirurgische ingreep (bijvoorbeeld LASIK behandeling) komt het bij de wondgenezing van de cornea tot natuurlijke ontstekingsreacties. Tengevolge hiervan kan het zes tot negen maanden duren, vooraleer de traanvochtproductie weer op het peil van vóór de operatie komt. Gedurende deze periode hebben de meeste patiënten last van ‘droog aanvoelende ogen’.

Daarom is het van groot belang, dat LASIK patiënten gedurende die tijd oogdruppels gebruiken die voldoende verlichting geven en die het wondgenezingsproces niet in de weg staan. Hiervoor zijn oogdruppels met hyaluronzuur (de lichaamseigen bevochtigende substantie bij uitstek) het meest geschikt.

Echte ‘droge ogen’ (Dry Eye Syndrome; keratoconjunctivitis sicca): een immunologische ontsporing

De symptomen van echte ‘droge ogen’ lijken voor een deel op die van ‘droog aanvoelende ogen’. Toch is het van groot belang hier een juist onderscheid te maken, omdat echte ‘droge ogen’ meestal in een andere klinische context optreden. Met klassieke oogheelkundige methoden zoals de Schirmer test, de fluoresceïne test en middels spleetlamp onderzoek kan, in combinatie met klinische verschijnselen zoals ‘zanderig’ gevoel, rode en ‘branderige’ ogen, verminderde kwaliteit en kwantiteit van het traanvocht en problemen met het lezen gedurende langere tijd vanwege ongemak (‘eye fatigue’), de diagnose relatief eenduidig worden gesteld.

Bij echte ‘droge ogen‘ is altijd sprake van een ontstekingsreactie, die een ‘verkeerde‘ hoeveelheid of kwaliteit traanvocht tot gevolg heeft. Het kan zijn, dat traanklieren zijn ontstoken en dat daardoor de waterige vloeistof van het traanvocht niet voldoende kan worden aangemaakt. Of dat de goblet cellen niet langer in staat zijn om de juiste mucine laag voor het bevochtigen van het oogoppervlak aan te maken. Ook is het mogelijk, dat de Meiboomse ‘olie’ kliertjes onvoldoende lipiden afscheiden, waardoor de traanvloeistof te weinig wordt ‘àfgedekt’ en zodoende te snel verdampt. In elk van deze situaties vindt er versnelde uitdroging van het oogoppervlak plaats.

De ontstekingsreactie waarvan hier sprake is, treden vaak op bij gestoorde functies binnen het immuunsysteem die het hele lichaam betreffen. Dat is vooral het geval bij aandoeningen, waarbij het immuunsysteem bepaalde structuren van het eigen lichaam aanvalt (zgn. auto-immuun-ziektes), bijvoorbeeld bij meerdere vormen van reuma (o.a. Sjögren's syndroom). Maar ontstekingsreactie kunnen ook locaal optreden ten gevolge van verstoorde locale evenwichten binnen het immuunsysteem (bijvoorbeeld goblet cellen, traan kliercellen): bij het ouder worden neemt bovendien de ontstekingsneiging toe. Vandaar, dat deze vorm van ‘droge ogen’ vooral bij 50-plussers gezien wordt. De verhoogde ontstekingsneiging schijnt niet alleen samen te hangen met voeding, medicijngebruik en lifestyle factoren, maar ook met erfelijke aanleg. Zolang het precieze samenspel tussen exogene (voeding, life-style, ect.) en endogene (erfelijke) factoren nog niet opgehelderd is, kan de behandeling van echte ‘droge ogen’ eigenlijk alleen maar gericht zijn op een zo goed mogelijke symptoombestrijding en op adviezen om de ontstekingsneiging zo gering mogelijk te houden (o.a. gerichte voedingsadviezen).

Ter bestrijding van de symptomen van echte ‘droge ogen’ staat een reeks van beproefde kunsttraanproducten ter beschikking. Als bevochtigende substanties worden daarbij vooral semi-synthetische cellulose verbindingen en in toenemende mate ook het natuurlijke hyaluronzuur gebruikt. Qua bevochtiging ontlopen deze verbindingen elkaar objectief niet veel. Subjectief gezien worden de hyaluronzuur oogdruppels echter door de gebruikers als aangenamer ervaren. Bovendien heeft hyaluronzuur anti-ontstekingseigenschappen. Dergelijke druppels zijn verkrijgbaar in wegwerpampulletjes (ongeconserveerd) en in multidose verpakkingen, zowel ongeconserveerd als geconserveerd.

Conclusies:

  • het is belangrijk, onderscheid te maken tussen de categorie ‘droog aanvoelende ogen’ en de categorie echte ‘droge ogen’. Beide verschillen qua ernst van vaak dezelfde symptomen, die echter vaak optreden in een andere klinische context;

  • de eerste categorie ‘droog aanvoelende ogen’ komt voornamelijk voor bij relatief jonge mensen met een gestoorde traanfunctie en versnelde verdamping van het traanvocht vooral door life-style factoren (computerwerk, airco, voeding, roken, contactlenzen). Deze categorie is goed geholpen met oogdruppels.

  • de tweede categorie (echte droge ogen) bestaat voor het merendeel uit 50-plussers. Deze groep neemt qua omvang in de komende jaren krachtig toe, het geen betekent dat deze groep goed geholpen zou zijn met oogdruppels op basis van hyaluronzuur.

  • de trend bij het terugdringen van de symptomen van ‘eye fatigue’ van brandende, vermoeide en geïrriteerde droge ogen gaat in de richting van oogdruppels met natuurlijke bevochtigende substanties, waarbij geconserveerde oogdruppels met hyaluronzuur inmiddels hetzelfde niveau van ‘nul’-toxiciteit hebben bereikt als de identieke niet-geconserveerde oplossingen.

Deze tekst is overgenomen uit het blad Oog van Friederichs Nieuws
Brussel, Prof. Dr. Chris de Bruijn
Senior Partner European Consultancy Network-ECN.

© 2017 Toman Optiek, Opticien Heemskerk.